donderdag 20 juli 2017

No no, no, no, no, no (there is a limit)


Ja, ik moet aan de bak. Het ‘nee, nee, nee’ jaar (?) is namelijk echt begonnen. Het blijkt trouwens niet alleen ‘NEE’ te zijn wat de klok slaat. Het verschijnsel presenteert zich in vele variaties. Denk aan:

  • ‘NOU!’ of erger ‘NouhouHOU!’
  • ‘mama niet doen!’
  • Mij slaan/schoppen/knijpen
  • Dingen (kapot) gooien
  • Armpjes stellig over elkaar doen en een pruillip trekken, vaak gevolgd door huilen
  • Op de grond liggen en huilen (dan wel krijsen)

Van mijn moeder hoorde ik, lang voor ik zelf moeder werd, al dramatische verhalen over haar peuter die al krijsend de potten jam uit het supermarkt-schap op de grond sloeg. De reden van het onoverkomelijke leed was waarschijnlijk iets als; moeder was ‘zo dom’ om in de haast ZELF een zakje zuurkool in het karretje te leggen in plaats van de peuter in kwestie het te laten aanpakken. Sja, dan vraag je er ook om, nietwaar.  
Overigens; natuurlijk was ik niet deze peuter, maar mijn zus. Mocht u het zich afvragen.  
Ha! Dat gaat mij mooi niet gebeuren. Ik heb besloten om in deze periode gewoon niet met mijn kind in een supermarkt te komen, makkelijk zat. Is het niet zalig dat we in een tijdperk leven waarin we zulks gewoon kunnen laten thuisbezorgen!? Och, onze arme moedertjes toch.

Mijn supermarkt- vermijdend gedrag voorkomt wel een paar ongemakkelijke zweetmomenten (inclusief priemende ogen en afkeurende blikken van anderen, stel ik me zo voor). Maar helaas. Het geeft me geen richtlijn hoe om te gaan met deze periodieke driften.
Omdat ik best een professionele moeder ben (referentie; ikzelf), heb ik me voorbereid op deze fase.
Ik heb gelezen over strafplekjes (wat vroeger dé manier was en waarvoor je nu pek en veren krijgt). Over consequentie. Over rust bewaren. Over negeren. Over begrip en troost tonen. Over voorbeeld gedrag.

En hoewel er in allemaal natuurlijk een kern van waarheid in zit, hielp deze literatuur studie mij eigenlijk niet direct. De methodieken spreken elkaar ook vaak tegen. En belangrijker, ze passen niet altijd bij me. Ik kan (net als zoonlief) best fel zijn. Dan behoort rustig blijven terwijl dreumes al krijsend speelgoed naar je hoofd gooit niet áltijd tot je competenties. Oh, en dus kun je voorbeeldgedrag ook gelijk wegstrepen. Straffen en negeren voelt niet goed. Dat komt bovendien niet overtuigend over en zoonlief ruikt natuurlijk meteen dat ik het niet meen.
En dus ging ik nadenken wat wel bij me past. En ook; wat bij mijn kind past. Dat is voor iedereen anders. En er zit (nog steeds!) geen boekje met methodieken of een gebruiksaanwijzing aan de navelstreng. Dat vogel je gewoon zelf maar uit als moeder.


Ik vond mijn heil in een theorie die ik in mijn werk in de ouderenzorg gebruik, namelijk; persoonsgerichte zorg. Het gaat te ver om dit hier helemaal uit te leggen, maar kort samengevat: er zijn veel raakvlakken in hoe de hersenen van mensen met dementie en die van peuters werken. En in hoe je hen iets duidelijk maakt of leert. Maar ook in wat hen boos of verdrietig maakt (en hoe je hiermee omgaat).
Ik geef een voorbeeld; je wilt ontzettend graag iets doen, maar je kunt het nog niet (of niet meer). Bijvoorbeeld omdat je lijf(je) niet doet wat je wilt. En de mensen om je heen kunnen je er niet bij helpen, omdat je hen niet kunt duidelijk maken wat je wilt, want ook spraak/ de taal heb je niet onder controle. Of ze hebben überhaupt niet eens door dat je iets heel graag wilt. En soms gebeurt dit je wel tig keer op een dag.
Als je dit beredeneert vanuit een gezond volwassen brein; kun je je al best voorstellen dat dit enorm frustrerend is.
Als je je er dan ook nog bij bedenkt dat het gedeelte van hun brein, namelijk dat wat bij ons primaire emoties remt, nog niet (of niet meer) goed werkt, kun je je voorstellen dat dit uiteindelijk leidt tot ‘primaire’ uitingen van boosheid. Of te wel huilen, gillen, stampen.

En wat blijkt, door me meer te verdiepen in de oorzaak van het nijdige gedrag van mijn dreumes, word ik kalmer. Ik begrijp hoe het komt, dus ik heb alleen daardoor al meer geduld. Hoe fijn is dat. Dit betekent ook dat ik er beter mee om ga. Ik laat hem even razen, maak hem duidelijk dat ik snap dat hij gefrustreerd is, maar ben ook assertief in dat hij dan geen dingen kapot hoeft te maken of anderen pijn mag doen. En dan natuurlijk afsluitend; een kus of een knuffel. En dan samen iets leuks doen om de gedachten te verzetten. Zodat ik weer kan zien dat dreumesen en peuters eigenlijk echt de aller-aller schattigste wezentjes op aarde zijn. 
En natuurlijk lukt het niet altijd om er goed mee om te gaan. Dan pas ik het volgende principe toe: loop heel  erg langzaam achteruit, kijk de dreumes absoluut niet in de ogen en hoop vervolgens op het beste...  
PS wat ook helpt (is mijn ervaring): ’s avonds, als het kroost vredig ligt te slapen (het liefst onder het genot van een glaasje droge witte) aan je man vertellen wat er is gebeurd en er dan samen smakelijk om lachen en nog even bij ‘m/d’r kijken. Maar ach, waar helpt dat nou niet bij!?

Keep calm and mother on!

X


zaterdag 8 april 2017

Hashimoto is GEEN Sushi.

Ik ben dus ziek. ZO. Dat is er uit.
Lange tijd heb ik mezelf dat labeltje niet willen geven. Ik vond het te stom, te onhandig en sowieso veel te weinig Rock 'n Roll.

Maar zoals het vaak gaat in het leven, maakt iets negeren de zaken zelden beter. Op een dag slaat de bitch die realiteit heet je namelijk gewoon keihard in je gezicht. En zo geschiedde het. Tijd  om hardop tegen mezelf (en jullie) te zeggen waar het op staat.

Ziekte van Hashimoto. Het klinkt als een stuk All you can eat - Sushi. Maar ja, dat is het dus niet, zoals de blogtitel je doet vermoeden.
Het heeft in zoverre met eten te maken dat iets in mijn lichaam heeft besloten om mijn schildklier 'op te eten'. Eigenlijk zit er dus een soort van kannibaal in mijn lijf. En de dokters weten eigenlijk niet zo goed waarom die 'Hannibal de Kannibaal' daar zit en hoe ze  die  creep een mondmasker op moeten zetten.


En dat is vrij onhandig. Want die schildklier heb je best wel heel erg nodig. Hij zorgt er (onder andere) voor dat je soepel beweegt, lekker in je vel zit, het niet te warm of te koud krijgt en baby's kunt maken. Je vraagt je, al lezende, misschien af waarom ik dit topic op mijn mama blog plaats. De reden is simpel. Het moet er uit.
En met campers (het andere blog) heeft het in ieder geval geen zak te maken. Met het moederschap des te meer. Ik verklaar mezelf nader.
 

Waar was ik? Juist; baby's maken. Het klinkt als een leuke activiteit.
En als dat allemaal een beetje goed lukt is dat het ook wel.
En dan doel ik met name op het bevruchtingsproces. Zonder in details te treden, want mijn moeder leest dit ook.
Maar er zijn ook situaties waarin baby's (proberen te) maken niet zo leuk is. Omdat dat om welke reden dan ook, moeilijk is.


Bij ons was het dus moeilijk. En ook al ontwikkelden manlief en ik allerlei creatieve interventies (...), na 2 miskramen en een jaar proberen was de meeste lol er wel van af.

Achteraf bleek mijn schildklier de boosdoener. Hannibal de kannibaal (Hashimoto) was er overigens toen nog niet.
Mijn schildklier was toen alleen nog maar een lui stuk vreten, die hoogstwaarschijnlijk al rond mijn puberteit had bedacht dat het vooral niet nodig is om al te hard te werken.
En dat zorgt dus voor allerlei vage problemen. Ook op het baby-maak gebied. Algemeen bekend, zo weet ik nu. Maar de artsen waar ik destijds kwam en ikzelf waren jammer genoeg niet op de hoogte van dit fenomeen.
Alsof iedereen al jàààren shopt bij de meest fantastische betaalbare fashiondesigner ever en jij kende 'm niet eens! Nou ja, misschien niet de beste vergelijking, maar hé ik probeer ook maar wat.


Uiteindelijk werd er iemand wakker. Een hele slimme dokter. Toen ik behandeld werd voor mijn passieve klier bleek ik toch in staat een baby te maken (en dan ook nog eens de allerleukste van de hele wereld!).
Happy end, zou je denken. En dat van die baby is, zonder twijfel een wonder te noemen. Dat is echt maximaal de bom.
Echter kwam toen (getriggerd door de zwangerschap) Hannibal de Kannibaal binnensluipen.
Ik was moe, slapeloos en op een gegeven moment behoorlijk in de war. Nou denk ik dat iedere kersverse moeder die emoties wel eens doormaakt.

Bij mij was het alleen zo erg dat de verloskundige dacht dat ik misschien wel een postnatale depressie aan het ontwikkelen was.
En hoewel ik zelf helemaal niet de behoefte had om mijn baby in een doos op zolder te zetten en al dacht dat het mijn schildklier was, geloofde niemand mij.

Uiteindelijk besloot ik na een paar maanden tobben,  tussen de paniekaanvallen door en omdat ik vanwege de gewrichtspijn mijn baby niet meer op kon tillen, het ziekenhuis serieus te gaan stalken.
Tegen de tijd dat er daar iemand op reageerde, was mijn schildklier helemaal gestopt met werken. Hannibal had ondertussen echt de tijd van zijn leven en peuzelde zijn buikje lekker rond.

'Jij bent een echte auto-immuun vrouw.' vertelde de dokter mij.


Ik besloot dat als een compliment op te vatten, liet mij nog een paar maanden lekprikken door de bloedzusters, slikt braaf mijn pilletjes en pakte de draad van het leven weer op. Dat was dat.
Vanaf nu was ik gewoon weer ik. Geen zielig hoopje meer.
Een vrouw met een serieuze baan, de mooiste baby van de wereld en een knappe man. Niks aan het handje en gaan.

Dat lukte allemaal aardig. Overlevingsmechanismen zijn toffe dingen.
Ook al ben je te moe om jezelf te douchen en heb je angstige en depressieve gedachten; als je wilt kun je de hele wereld laten geloven (incl. jezelf) dat je 'on top of the world' bent. Niks aan doen, gewoon doorgaan. Hannibal IS ER NIET.


Of toch wel? Voel je hem al aankomen lezer?
Wel dus. Hashimoto en andere schildklieraandoeningen blijken niet altijd opgelost met alleen pilletjes. En ook niet met die toffe overlevingsmechanismen. Deze ziekte blijft af en toe 'opvlammen'. 

En dan zijn er nog problemen die men 'restklachten' noemt. En hen negeren of je er tegen verzetten vinden die restklachten supergaaf. Dan gaan ze lekker extra irritant doen.
Omdat restklachten echt te ongezellig zijn om verder toe te lichten op mijn blog, laat ik het hier verder bij.

Nu heb ik dus besloten mijn Hannibal de kannibaal aardig te gaan vinden. Ook al vreet ie soms stukjes schildklier. Samen met de dokters hoop ik er achter te komen wat hij nodig heeft om een klein beetje relaxed te blijven. En ik accepteer hem, in de hoop dat hij het dan minder kick vind om stukjes schildklier te vreten.
Dit gaat betekenen dat ik op sommige vlakken iets minder Rock 'n Roll ben, mijn gezin en mijzelf voorop zet, overdag tukjes doe, heel regelmatig leef en vaker 'nee' zeg.


En terwijl ik dat opschrijf besef ik me dat als ziek zijn betekent dat ik dat allemaal kan, ziek zijn dan dus eigenlijk onwijs Rock 'n Roll is.

https://www.schildklier.nl/hypothyreoidie/klachten-hypothyreoidie/hashimoto





 




zaterdag 7 januari 2017

Insta-mam

Instagram. Hét medium om je grootste trots ten toon te stellen aan de maatschappij. The Pride Rock van de grote mensen wereld.

Ja, natuurlijk, ook ik maak me er schuldig aan. Het grootste deel van mijn IG foto's betreft mijn pup (wat hij daar trouwens zelf van vind hoor ik nog wel eens als hij puber is...).

Uit onderzoek blijkt dat we allemaal best gevoelig zijn voor de continue stroom van mooie en vrolijke plaatjes die er voorbij komen op sociale media. Dat we daar bewust of onbewust toch allemaal een tikkie onzeker (of zelfs minder gelukkig )van worden.

En aangezien niets menselijks mij vreemd is, heb ik daar ook wel eens last van. Sinds ik me daar bewust van ben gaat het al een stuk beter. Tegenwoordig laat ik me niet meer zo maar kisten door moeder-accounts die baden in perfectie. Met hun verse baby's en engelachtige peuters die met een vredig lachje in hip gematchte pastelkleurige kledingsetjes de camera in loeren. 


Mijn wenkbrauw fronst bij het aanzien van een heel account vol met alleen maar van dit soort plaatjes. Bij sommige moeders zie je iedere dag meerdere posts en vraag ik me serieus af, hoe komt dit tot stand!?
Baby's  bijvoorbeeld. Die zijn toch niet doen op het gebied van fotogeniek-heid!? 1 echt schattig lachje op foto kost je minimaal een uur aan gekke bekken & geluidjes boven de box. En dan wel met een hele dure camera en korte sluitertijd. En dan nog 1000x klikken en een portie geluk hebben.
En vervolgens op je gemak het enige gelukte shot zoeken tussen alle mislukte terwijl je kind ligt te krijsen door al dat geflits en van de honger? Zie je het voor je? O ja, en dan natuurlijk nog wel even bewerken, want kotsvlekken, nee daar houden we niet van op Insta.



En dan dreumesen en peuters. Hoezo kun je als moeder überhaupt meer dan 1 onbewogen foto hebben van je spruitje!? Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar als mijn 1 jarige zijn ogen open heeft, dan speelt hij. Hard en intensief.
Voor een minuut of 3 stilzitten zijn toch minimaal 2 inentingen of een dubbele oorontsteking nodig.
En bij dat spelen wordt hij meestal (heel) vies en gaan dingen (heel erg) kapot. Pastelkleuren zonder vlekken zijn mission impossible. Net als een gestyled en opgeruimd huis. Blijkbaar eten de kinderen op die accounts geen besjes en waxinelichtjes op van de salontafel.

Anyways. Ik weet natuurlijk best dat achter de extreem perfecte pagina's vaak een commercieel belang zit. Dat die moeders iets verdienen met hun plaatjes. Geld of een goed imago.
Zij maken dankbaar gebruik van onze onzekerheden. 'Koop dit hippe truitje en ook jouw huishouden wordt flawless. Heus!'


Noem me een dromer, maar toch zou ik hen willen vragen, doe eens wat terug voor je klandizie. Gewoon af en toe ook 1 krijs of kots vlekken foto. Of een selfie van jou als je het ook even allemaal niet meer weet. Omdat het 17.30 en is je kroost jengelt en honger heeft. Als je huis ontploft is en je koelkast leeg.

En vertel me ook alsjeblieft dat je jouw kinderen niet het grootste gedeelte van de tijd gebruikt als perfecte paspopjes. Maar dat ze gewoon ook kunnen spelen, knoeien, klei eten, soms van banken afvallen en regelmatig huilen.

Gewoon omdat dat aardig is voor ons, mede-moeders. Om ons te helpen niet onbewust depressief te worden.
En vooral omdat imperfectie ook bij het leven hoort.
En omdat niet perfect eigenlijk toch ook minder saai en in ieder geval een stuk echter is.


Vast bedankt!