zaterdag 8 april 2017

Hashimoto is GEEN Sushi.

Ik ben dus ziek. ZO. Dat is er uit.
Lange tijd heb ik mezelf dat labeltje niet willen geven. Ik vond het te stom, te onhandig en sowieso veel te weinig Rock 'n Roll.

Maar zoals het vaak gaat in het leven, maakt iets negeren de zaken zelden beter. Op een dag slaat de bitch die realiteit heet je namelijk gewoon keihard in je gezicht. En zo geschiedde het. Tijd  om hardop tegen mezelf (en jullie) te zeggen waar het op staat.

Ziekte van Hashimoto. Het klinkt als een stuk All you can eat - Sushi. Maar ja, dat is het dus niet, zoals de blogtitel je doet vermoeden.
Het heeft in zoverre met eten te maken dat iets in mijn lichaam heeft besloten om mijn schildklier 'op te eten'. Eigenlijk zit er dus een soort van kannibaal in mijn lijf. En de dokters weten eigenlijk niet zo goed waarom die 'Hannibal de Kannibaal' daar zit en hoe ze  die  creep een mondmasker op moeten zetten.


En dat is vrij onhandig. Want die schildklier heb je best wel heel erg nodig. Hij zorgt er (onder andere) voor dat je soepel beweegt, lekker in je vel zit, het niet te warm of te koud krijgt en baby's kunt maken. Je vraagt je, al lezende, misschien af waarom ik dit topic op mijn mama blog plaats. De reden is simpel. Het moet er uit.
En met campers (het andere blog) heeft het in ieder geval geen zak te maken. Met het moederschap des te meer. Ik verklaar mezelf nader.
 

Waar was ik? Juist; baby's maken. Het klinkt als een leuke activiteit.
En als dat allemaal een beetje goed lukt is dat het ook wel.
En dan doel ik met name op het bevruchtingsproces. Zonder in details te treden, want mijn moeder leest dit ook.
Maar er zijn ook situaties waarin baby's (proberen te) maken niet zo leuk is. Omdat dat om welke reden dan ook, moeilijk is.


Bij ons was het dus moeilijk. En ook al ontwikkelden manlief en ik allerlei creatieve interventies (...), na 2 miskramen en een jaar proberen was de meeste lol er wel van af.

Achteraf bleek mijn schildklier de boosdoener. Hannibal de kannibaal (Hashimoto) was er overigens toen nog niet.
Mijn schildklier was toen alleen nog maar een lui stuk vreten, die hoogstwaarschijnlijk al rond mijn puberteit had bedacht dat het vooral niet nodig is om al te hard te werken.
En dat zorgt dus voor allerlei vage problemen. Ook op het baby-maak gebied. Algemeen bekend, zo weet ik nu. Maar de artsen waar ik destijds kwam en ikzelf waren jammer genoeg niet op de hoogte van dit fenomeen.
Alsof iedereen al jàààren shopt bij de meest fantastische betaalbare fashiondesigner ever en jij kende 'm niet eens! Nou ja, misschien niet de beste vergelijking, maar hé ik probeer ook maar wat.


Uiteindelijk werd er iemand wakker. Een hele slimme dokter. Toen ik behandeld werd voor mijn passieve klier bleek ik toch in staat een baby te maken (en dan ook nog eens de allerleukste van de hele wereld!).
Happy end, zou je denken. En dat van die baby is, zonder twijfel een wonder te noemen. Dat is echt maximaal de bom.
Echter kwam toen (getriggerd door de zwangerschap) Hannibal de Kannibaal binnensluipen.
Ik was moe, slapeloos en op een gegeven moment behoorlijk in de war. Nou denk ik dat iedere kersverse moeder die emoties wel eens doormaakt.

Bij mij was het alleen zo erg dat de verloskundige dacht dat ik misschien wel een postnatale depressie aan het ontwikkelen was.
En hoewel ik zelf helemaal niet de behoefte had om mijn baby in een doos op zolder te zetten en al dacht dat het mijn schildklier was, geloofde niemand mij.

Uiteindelijk besloot ik na een paar maanden tobben,  tussen de paniekaanvallen door en omdat ik vanwege de gewrichtspijn mijn baby niet meer op kon tillen, het ziekenhuis serieus te gaan stalken.
Tegen de tijd dat er daar iemand op reageerde, was mijn schildklier helemaal gestopt met werken. Hannibal had ondertussen echt de tijd van zijn leven en peuzelde zijn buikje lekker rond.

'Jij bent een echte auto-immuun vrouw.' vertelde de dokter mij.


Ik besloot dat als een compliment op te vatten, liet mij nog een paar maanden lekprikken door de bloedzusters, slikt braaf mijn pilletjes en pakte de draad van het leven weer op. Dat was dat.
Vanaf nu was ik gewoon weer ik. Geen zielig hoopje meer.
Een vrouw met een serieuze baan, de mooiste baby van de wereld en een knappe man. Niks aan het handje en gaan.

Dat lukte allemaal aardig. Overlevingsmechanismen zijn toffe dingen.
Ook al ben je te moe om jezelf te douchen en heb je angstige en depressieve gedachten; als je wilt kun je de hele wereld laten geloven (incl. jezelf) dat je 'on top of the world' bent. Niks aan doen, gewoon doorgaan. Hannibal IS ER NIET.


Of toch wel? Voel je hem al aankomen lezer?
Wel dus. Hashimoto en andere schildklieraandoeningen blijken niet altijd opgelost met alleen pilletjes. En ook niet met die toffe overlevingsmechanismen. Deze ziekte blijft af en toe 'opvlammen'. 

En dan zijn er nog problemen die men 'restklachten' noemt. En hen negeren of je er tegen verzetten vinden die restklachten supergaaf. Dan gaan ze lekker extra irritant doen.
Omdat restklachten echt te ongezellig zijn om verder toe te lichten op mijn blog, laat ik het hier verder bij.

Nu heb ik dus besloten mijn Hannibal de kannibaal aardig te gaan vinden. Ook al vreet ie soms stukjes schildklier. Samen met de dokters hoop ik er achter te komen wat hij nodig heeft om een klein beetje relaxed te blijven. En ik accepteer hem, in de hoop dat hij het dan minder kick vind om stukjes schildklier te vreten.
Dit gaat betekenen dat ik op sommige vlakken iets minder Rock 'n Roll ben, mijn gezin en mijzelf voorop zet, overdag tukjes doe, heel regelmatig leef en vaker 'nee' zeg.


En terwijl ik dat opschrijf besef ik me dat als ziek zijn betekent dat ik dat allemaal kan, ziek zijn dan dus eigenlijk onwijs Rock 'n Roll is.

https://www.schildklier.nl/hypothyreoidie/klachten-hypothyreoidie/hashimoto





 




zaterdag 7 januari 2017

Insta-mam

Instagram. Hét medium om je grootste trots ten toon te stellen aan de maatschappij. The Pride Rock van de grote mensen wereld.

Ja, natuurlijk, ook ik maak me er schuldig aan. Het grootste deel van mijn IG foto's betreft mijn pup (wat hij daar trouwens zelf van vind hoor ik nog wel eens als hij puber is...).

Uit onderzoek blijkt dat we allemaal best gevoelig zijn voor de continue stroom van mooie en vrolijke plaatjes die er voorbij komen op sociale media. Dat we daar bewust of onbewust toch allemaal een tikkie onzeker (of zelfs minder gelukkig )van worden.

En aangezien niets menselijks mij vreemd is, heb ik daar ook wel eens last van. Sinds ik me daar bewust van ben gaat het al een stuk beter. Tegenwoordig laat ik me niet meer zo maar kisten door moeder-accounts die baden in perfectie. Met hun verse baby's en engelachtige peuters die met een vredig lachje in hip gematchte pastelkleurige kledingsetjes de camera in loeren. 


Mijn wenkbrauw fronst bij het aanzien van een heel account vol met alleen maar van dit soort plaatjes. Bij sommige moeders zie je iedere dag meerdere posts en vraag ik me serieus af, hoe komt dit tot stand!?
Baby's  bijvoorbeeld. Die zijn toch niet doen op het gebied van fotogeniek-heid!? 1 echt schattig lachje op foto kost je minimaal een uur aan gekke bekken & geluidjes boven de box. En dan wel met een hele dure camera en korte sluitertijd. En dan nog 1000x klikken en een portie geluk hebben.
En vervolgens op je gemak het enige gelukte shot zoeken tussen alle mislukte terwijl je kind ligt te krijsen door al dat geflits en van de honger? Zie je het voor je? O ja, en dan natuurlijk nog wel even bewerken, want kotsvlekken, nee daar houden we niet van op Insta.



En dan dreumesen en peuters. Hoezo kun je als moeder überhaupt meer dan 1 onbewogen foto hebben van je spruitje!? Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar als mijn 1 jarige zijn ogen open heeft, dan speelt hij. Hard en intensief.
Voor een minuut of 3 stilzitten zijn toch minimaal 2 inentingen of een dubbele oorontsteking nodig.
En bij dat spelen wordt hij meestal (heel) vies en gaan dingen (heel erg) kapot. Pastelkleuren zonder vlekken zijn mission impossible. Net als een gestyled en opgeruimd huis. Blijkbaar eten de kinderen op die accounts geen besjes en waxinelichtjes op van de salontafel.

Anyways. Ik weet natuurlijk best dat achter de extreem perfecte pagina's vaak een commercieel belang zit. Dat die moeders iets verdienen met hun plaatjes. Geld of een goed imago.
Zij maken dankbaar gebruik van onze onzekerheden. 'Koop dit hippe truitje en ook jouw huishouden wordt flawless. Heus!'


Noem me een dromer, maar toch zou ik hen willen vragen, doe eens wat terug voor je klandizie. Gewoon af en toe ook 1 krijs of kots vlekken foto. Of een selfie van jou als je het ook even allemaal niet meer weet. Omdat het 17.30 en is je kroost jengelt en honger heeft. Als je huis ontploft is en je koelkast leeg.

En vertel me ook alsjeblieft dat je jouw kinderen niet het grootste gedeelte van de tijd gebruikt als perfecte paspopjes. Maar dat ze gewoon ook kunnen spelen, knoeien, klei eten, soms van banken afvallen en regelmatig huilen.

Gewoon omdat dat aardig is voor ons, mede-moeders. Om ons te helpen niet onbewust depressief te worden.
En vooral omdat imperfectie ook bij het leven hoort.
En omdat niet perfect eigenlijk toch ook minder saai en in ieder geval een stuk echter is.


Vast bedankt!

 


 

zaterdag 8 oktober 2016

Het moederlijf

Haat-boosheid-ontzag-verbazing-acceptatie-dankbaarheid.
Ik beweeg me de afgelopen 32 jaar tussen deze emoties heen en weer als het gaat om 'het lijf'.

Emoties als verbazing en schaamte liepen, als beginnende puber, geleidelijk over in haat. Dit omdat ik nooit tevreden was met hoe het er uit zag. Dat iedereen dit totaal onnodig vond, veranderde mijn beeld niet. Het beeld dat in mijn hoofd zat was namelijk heel anders dan dat van mijn omgeving. Na een flinke innerlijke strijd en met de nodige uurtjes therapie werd mijn beeld realistischer. Ik begon het lijf-uiterlijk gelukkig ook allemaal wat minder belangrijk te vinden. Er was acceptatie.

Een aantal jaar later, toen mijn kinderwens een hoogtepunt bereikte en er een periode van miskramen en niet zwanger worden volgde, won de boosheid het. Dat ik een chronische ziekte aan mijn schildklier ontwikkelde, hielp ook niet echt niet mee. Het lijf werkte niet zoals ik wilde en ik kon dit niet beïnvloeden.

Uiteindelijk, mede door de zwangerschap, maakte mijn boosheid plaats voor ontzag. Mijn lijf bouwde een nieuw mens, hoe was het mogelijk!? De 20(+) kilo die ik aankwam interesseerde me geen snars. Ook alle bijbehorende kwalen en ongemakken slikte ik voor zoete koek. Als het mensje in mij maar gezond en wel op de wereld zou komen.

Bevallen zorgde daarentegen wel weer voor vertwijfeling. Was het diepe ontzag van de afgelopen 9 maanden wel terecht?
Want als er mij geen wee opwekkers waren toegediend, lag ik volgens mij nu nog steeds te ontsluiten.
Maar goed. Eenmaal een gezond jochie in mijn armen regeerde er toch vooral ontzag.

In de dagen daarna overheerste verbazing. Met witte kool in je bh is de Pamela Anderson look die je (boezem-technisch) hebt ontwikkeld toch niet echt wat je er van te voren van had gehoopt. Pij-hijn!
Vriendinnen en ik hadden in de kraamweken de volgende gedachten:
Ga ik ooit nog seks hebben? Ga ik nu alsnog dood? Dit komt sowieso nooit meer goed.
En ook: Ah, dus zo voelt het dus als je wordt:

A. overreden door een trekker/vrachtwagen/trein. En dat het voertuig daarna in z'n achter-uit nog een keer over je rijdt.
B. verkracht door een olifant
C. je een Mona pudding bent die uit de koelkast is geflikkerd... En vervolgens door iemand in de hoek wordt getrapt.

Maar wat blijkt. Met de meeste van ons kwam het (gemiddeld een jaar later) toch nog aardig goed. Oké, springen bij een concert van Skunk Anansie levert een natte onderbroek op en je borsten zijn gesmolten en verdrietig. En toch kan ik zeggen dat van alle emoties die ik koester jegens het lijf, ik toch het meest vaak dankbaar ben.

En gelukkig is er ook nog de man. De man die, als hij je in je nakie ziet, opperst blij roept 'hé, lekker blote tieten!'

Of ze nou hangen of niet.

woensdag 14 september 2016

Wat gek, 1 jaar, and that brings it all back...

Het is zover. Het eerste jaar zit er op. Ik knijp mezelf nog maar eens, is het echt zo!?
Ja dus. De slingers hangen, cadeau is in huis, traktaties zijn gefröbeld.
Niet dat zoonlief er iets om geeft, hij is gewoon lekker aan t rondscharrelen en totaal onbewust van alle tumult.
Zo'n eerste verjaardag draait eigenlijk stiekem ook niet echt om het 1 worden. Het draait om reflectie.

Ja heus, ik heb het zelf opgemerkt de afgelopen weken.

Tijdens werk of het boodschappen-opruimen, doken ineens, ongevraagd en onaangekondigd, flarden op van een jaar geleden.

Van de walrus die ik me voelde, jaloers op een slanke joggende dame in het park, omdat ik er van overtuigd was dat ik dat echt nooit meer ging kunnen. 

Herinneringen aan de spanning, rondom de totale onwetendheid van wat mij en ons te wachten stond op het gebied van bevallen. Aan reële en irreële angsten voor rupturen, keizersneden, gênante momenten, een niet gezonde of een extreem lelijke baby. 


Tijdens het opbergen van de penen en de prei schieten beelden van de bevalling in mijn hoofd. Die afschuwelijk trage bevalling die tegelijkertijd ook het meest prachtige moment in mijn/ons leven was. Binnen 24 uur ging ik van clichématig roepen dat ik dit toch echt niet zou kunnen en dat ik -überhaupt echt geen idee meer had waarom we dit toch ooit wilde- naar een bizar sterke oerkracht van 'ik kan dit kind baren dat ga ik nu doen ook'! En terwijl ik baarde bleek ik ook nog in staat zijn tot het maken van grappen (dat pinguïns het toch eigenlijk wel een stuk beter geregeld hebben en vast ook grappigere? dingen die ik echt niet meer weet, bedankt endorfine!).

Fragmenten poppen binnen van het moment dat we 'ineens' dan toch papa en mama waren van wat ik toch echt als het allermooiste kind ooit bestaan ervaarde (als ik nu, zonder stijf te staan van hormonen, sommige foto's zie, zie ik eigenlijk best veel gelijkenis met E.T. maar dat ter zijde).
En dat ik daar, op dat moment, overspoelt werd door een gevoel, waarvan ik nog steeds geen idee heb hoe ik het moet omschrijven. Een oer-verbond. Zoiets? Nou het voelde in ieder geval geweldig. En dat doet het nog steeds. Zelfs  nu de hormonen zijn ingedaald en zelfs als we het allemaal even niet meer weten, moe zijn of druk zijn. Dan nog popt dat gevoel heel vaak op, plop.

En daar zit ik dan, lege boodschappen tas in mijn hand en een traan op mijn wang. Ik ben een week-moederdier geworden. Sentimenteel as hell. En ik ben zeer fier op het 1 jarige kalfje. Op wat ie kan en hoe hij is. En op ons. Dat wij dit eerste jaar hebben gedaan, zoals we het hebben gedaan.
Best goed eigenlijk. Op naar het volgende jaar!








donderdag 18 augustus 2016

De factor Tijd.

Tijd. Sinds ik moeder ben is mijn visie op deze 4 letters volledig veranderd.

Eerder had ik eigenlijk niet echt een visie op het begrip tijd. Het was er gewoon. Zeeën ervan.
Jammer genoeg was ik me daar, pre baby, totaal niet van bewust. Sterker nog; ik piepte toen al wel eens dat ik het druk had en hoe de tijd vloog, maar serieus, wat een aansteller was ik.
Want ik kon gewoon klakkeloos op 1 dag 4 afleveringen ‘say yes to the dress’ achter elkaar kijken, 2 uur lang inspiratie opdoen op pintarest, een uur hardlopen, op mijn gemakje onder de douche en een tijdschrift in 1 keer uitlezen. En dat allemaal op mijn dooie akkertje, met koffie momentjes en koekjes alleen voor mijzelf.

Dit voelt nu als een leven geleden. Of 6 kilo geleden. Maar dat is een heel blog thema voor een andere keer (indien ik daarvoor de tijd heb).
Inmiddels heb ik volledig bewustzijn ontwikkeld rondom het thema tijd. Ik weet nu namelijk wat ‘de tijd vliegt’ daadwerkelijk betekent. Namelijk dat als je knippert met je ogen,  je kind is getransformeerd van het schattigste, meest hulploze wezentje ooit in een waggelend mini mensje dat binnen 3 seconden alle kastjes weet leeg te trekken, 2 bananen kan verorberen nog voor je kans ziet ze te pellen en je de allerlekkerste kleffe kusjes komt brengen die er in de hele wereld bestaan.
De factor tijd heeft er ergens tijdens deze transformatie het afgelopen jaar ook voor gezorgd dat ik me af en toe een soort wonder woman voel.
Ik blijk namelijk over bovennatuurlijke krachten te beschikken als het nodig is. Ik kan (in welke omstandigheid ook) altijd binnen 1 minuut een flesje warme melk tevoorschijn toveren. Ook kan ik, als het kind dreigt  te vallen – bijna ergens vanaf kruipt - iets oneetbaars wil eten - binnen een  fractie van een seconde a la Uma Thurman in Kill Bill ter plaatse zijn om dit leed te voorkomen.
Ik heb daarnaast ook nog eens het geluk een kind te hebben die de gemiddelde tukjestijd van alle baby’s in Nederland omlaag heeft gebracht. Dit bekende voor mij een waardevolle les efficiënte tijdsbesteding.
Ik kan de 3 kwartier à het uur dat ik ‘voor mezelf’ heb echt super-nuttig invullen. Ik weet daar alles in te proppen waar ik niet aan toekom met een wakker kind. Administratie, werken, benen scheren, snoeien, you name it. En dat alles vaak zonder kopjes koffie en koekjes.
Want terwijl je zo ‘efficiënt’ bent met je tijd en druk bent je kind in al zijn behoefte te voorzien, schieten je eigen behoefte er nog al eens bij in. En dat vind je dan meestal ook nog niet eens erg, vreemd genoeg. En daarbij; koekjes (en al het andere eten) heb je sowieso nooit meer echt voor jezelf als moeder, maar ook dat is ‘a blog on it’s own’.
Kind transformeert en moeder rent en vliegt. Dagen verdampen als een druppel in de woestijn. Een maand voelt als een paar seconde.

Aan de andere kant zijn er nu ook dagen waar geen einde aan lijkt te komen. Zo een dag dient zich meestal rond 5.30 aan met een luid gehuil. Hij vervolgt zich met langdurige fases van een zeurend jengelgeluid. In box, uit box. Bij mama, mama stom.
Bij zo’n ’eindeloze dag’ horen ook minimaal een aantal ernstige woede aanvallen, bijvoorbeeld omdat moeders het nodig acht een neus af te vegen. Een blauw aanlopend gezichtje (omdat zoon zo verdrietig is dat hij weigert te ademen) is daarbij geen uitzondering.
Op dat soort dagen voel je je dankbaar dat er kinderwagens en parken bestaan. En vaders die thuis komen uit hun werk.
Was ik voorheen ook echt blij om manlief te zien aan het eind van de dag, tegenwoordig kan het als een verlossing voelen.  
Plot van dit blog is een cliché. Maar clichés en ouder zijn horen nu eenmaal bij elkaar als kinderen en snot.
Het is echt een wonder hoe je kindje zich ontwikkelt met het verstrijken van de tijd (en met wat bordjes pap en knuffels). Het eerste jaar is alweer bijna een feit. En bij iedere nieuwe vaardigheid;  zoals nu ‘het mollige-armpjes stevig om je nek - kroeltje’ smelt vermoeidheid weg als sneeuw voor de zon. Het maakt plaats voor mindfullness. Pak dit moment. Dit moment waarin je overstroomd van liefde en trots. Beleef het ten volste. Sta er bij stil. Want; voor je het weet is het voorbij....


zondag 7 februari 2016

De O van: ongevraagd advies


Je ziet het. Ze struggelt en ploetert, die jonge moeder. Je herkent het aan; de wallen onder haar ogen, het kortere lontje, de bevlekte outfit of het piekhaar en de mislukte make-up.

Sommige van deze jonge moeders storten uit wanhoop dan ook hun hele hart leeg over bijvoorbeeld het ongewenste gedrag van kindlief gecombineerd met geklaag over wat een uitputtingslag het ouderschap wel niet kan zijn; de betreffende baby wil niet slapen, niet eten, heeft een hels sprongetje, koorts, een poep-oog of is al dagen lang aan het jengelen zonder aanwijsbare reden….
Andere jonge moeders uitten dit door in gezelschap stilletjes bij te gaan zitten tanken op het moment dat hun kind een uurtje door iemand anders wordt vermaakt. Zij dommelen wat weg of geven een verkeerd antwoord op de zojuist gestelde vraag.

Het raakt je. Logisch. Kijk haar nou het arme schaap. De moeder Theresa in je wordt aangeboord voor je er erg in hebt. Je opent je mond en als vanzelfsprekend volgt een woordenstroom in de vorm van:
“zeg zou je niet eens zus of zo proberen”; “Wat als je nou eens dit of dat doet…” of “Vroeger…….”

Je bedoelt het zo ontzettend goed, want wat als er in de woordenstroom die je aanboort nou dé gouden tip zit voor deze ploeterende mama.

En toch kun je het veel beter niet doen. Ja je leest het goed, NIET DOEN,  zip it!
Waarom? Hier volgen een aantal van de redenen:

1. De jonge moeder in kwestie heeft al minstens 5 nachten niet langer dan 5 uur aan 1 stuk geslapen en is echt HEEL ERG MOE. Een liefdevolle, meelevende knik en schouderklop volstaat. Eigenlijk kan de lijst hier eindigen, maar ik ben graag volledig.

2. Geloof me ze heeft alle, maar dan ook echt alle tips die je geeft al minimaal 8 keer gehoord. Als ze een slechte dag heeft, al 8x op 1 dag. Van de caissière in de supermarkt, een wildvreemde voorbijganger, andere moeders, de buurvrouw, collegae and so on.

3. Ze reageert waarschijnlijk met een lauwe; goh bedankt, ga ik doen. Maar van binnen denkt ze: duhuuuu, alsof ik er zelf niet echt al AL-LES aan gedaan Jantje/ Klaasje stil te krijgen/te laten eten/ slapen etcetc…..

4. Google. Als ze wil kan de moeder op ieder moment van de dag dat zij er wèl behoefte aan heeft binnen 1 muisklik adviezen inwinnen van miljoenen vrouwen van over de hele wereld.

5. Thank god for Whatsapp. Vriendinnenapps met lotgenoten. Eigenlijk werkt het voor nieuwe moeders zo: als het niet korter dan maximaal 5 jaar geleden is dat je zelf baarde en je je haarscherp herinnert dat je lijf aanvoelde alsof je bent aangereden door 5 trekkers heb je geen recht van spreken. Totaal onredelijk, maar het werkt zo.

Nu hoor ik alle goedbedoelde adviesgevers denken, maar wat kan ik dan doen om dat arme schaap te helpen??????

Blijf positief, het antwoord is simpel. ETEN! Eten helpt. Eten is altijd het antwoord voor alles. Breng een pan tomatensoep langs of een bak lasagne voor in de vriezer en ga gelijk weer weg. Geloof me, de betreffende jonge moeder sluit je voor altijd in haar hart. Zij zal deze eeuwige dankbaarheid bescheiden uiten. Ze zal je misschien zelfs wel even binnen vragen in haar totaal ontplofte huis voor een kopje koffie. Of je 1000x de kus/knipoog smiley appen, en dat is best een hele grote investering als je het al een uitdaging vind om op een dag je vaatwasser uitgeruimd te krijgen..

 

 

donderdag 28 januari 2016

Verwacht het onverwachtse


Nog nooit heb ik zo vaak stil gestaan bij het werkwoord ‘verwachten’ als het afgelopen jaar. Toen ik nog zwanger was vond ik ‘in verwachting’ taal-technisch veel mooier klinken dan ‘zwanger’ en gebruikte het in veelvoud. 
Daar kom ik nu op terug.

Sterker nog: ga bij deze een officiële motie indienen tegen de term ‘in verwachting’.

Een kleine samenvatting van wat mij hiertoe forceert:
Verwacht je een jongen of meisje?
Wat verwacht je van de bevalling?
Wat verwacht je van ... moederschap, kraamtijd etc etc.

Een greep uit de vragen die je krijgt als er een klein mensje in je aan het groeien is. Alsof dat feit alleen al niet overweldigend genoeg is, schijn je ook nog verwachtingen te moeten hebben over wat er te komen staat. 
Vast goed ter voorbereiding en een verplicht verlof-onderdeel of zo, dacht ik nog, naïef als ik was.
De verwachtingen die ik vervolgens onder invloed van allerlei ronddwarrelende zwangerschapshormonen had zitten produceren bleken echter alles behalve realistisch.

Ik verwachtte bijvoorbeeld dat het echt super romantisch en fijn zou zijn om mijn kindje zo dicht mogelijk bij me te hebben ‘s nachts. Zag het he-l-emaal voor me. Een rooming-in bedje en dan ‘s ochtends met z’n driet’jes wakker worden, badend in  kraak-witte lakens….
Helaas. De realiteit kickte in. Al de eerste nacht dat zoonlief naast ons lag.
Zo’n beetje ieder uur dacht ik minimaal een paar keer; ’oh hij ademt nu heel snel, hoort dat!?’ of ‘ooh, wat is ie toch moooooi! sjonge jonge ik kan er echt niet bij hoe prachtig hij is’.
Na zo een aantal uren stijf van adrenaline naar hem te hebben liggen staren, voelde het niet heel romantisch, laat staan realistisch, dat ik dit kindje langer dan 1 nacht naast me ging houden. Want ieder minuutje slaap is eigenlijk best wel belangrijk voor jonge ouders.
En daarbij zijn kraak-witte lakens sowieso een utopie voor jonge moeders.
Die bestaan alleen op de perfecte instagram-accounts bij BN-er moeders, maar niet in het echt. Oh nee.
Er gebeuren eigenlijk vooral dingen die je niet verwacht rondom het (beginnende) moederschap: 

Ik verwachtte namelijk niet dat ik in staat zou zijn om tijdens persweeën grapjes te gaan liggen maken met de gynaecoloog. Laat staan dat ik hem (op nogal dwingende toon) opdracht ging geven om een washandje op een hier niet nader te noemen plaats te houden.

Ik verwachtte ook niet dat ik het echt prima zou vinden dat zo’n beetje de hele afdeling prenatale zorgverleners in mijn gemeente mijn edele delen zouden bekijken om er maar zeker van te zijn dat alles echt wel weer goed zou komen. Of dat ze massaal in mijn borsten gingen knijpen om me te assisteren bij het borst-voeden van zoonlief.

Ik verwachtte al helemaal niet het type moeder te worden die al moest janken bij het intake gesprek van het kinderdagverblijf (terwijl zoonlief er pas 3 weken later echt naartoe moest).

Toch bleek dit alles wel wat er gebeurde. En daar wil ik dus nu een grens trekken. Het is volgens mij onmogelijk om iets te verwachten dat ook maar een klein beetje in de richting van de realiteit komt. Zo. There; I said it.
Ik stel voor dat we ‘in verwachting’ vervangen voor ‘in groei’ Wat mij betreft een veel realistischer term.

Met daarbij de moederlijke vrijheid zelf te ervaren hoe je groeit.


In mijn geval: ruim 20 kilo en meer levenservaring dan in de 30 jaar voor de conceptie. Punt.
 
 

zaterdag 9 januari 2016

De Maxi-moeder

Kijk. Daar gaat ze. De maxi moeder.

Ik noem haar zo omdat zij eruit ziet alsof haar Maxi-Cosi met kind niet 1000 kilo weegt, maar alsof de Maxi-Cosi een hippe grote Kardashian-eske tas is die nonchalant aan haar arm slingert.

Ze loopt het hele stuk zo, met haar slapende baby (die niet veel ouder kan zijn dan de mijne), aan haar arm. En dat is zeker wel 10 minuten. Ze vloekt helemaal niet. Haar hoofd is ook niet rood aangeschoten. En dan heeft ze ook nog eens pumps aan, een charmant make-upje en geföhnd haar.

Aan haar andere hand heeft ze het handje vast van haar andere kindje. Ik fantaseer voor het gemak even dat hij Gijs heet. Gijs
is, naar ik schat, een jaar of 2. Hij loopt keurig met zijn  moeder mee in z'n hippe, gestreken okergele jeans en bijpassend donkerblauwe houtje-touwtje jasje, en dat alles helemaal zonder vlekken en/of gaten bij de knieën.

Gijs trekt niet aan haar hand en gaat ook niet op de grond liggen krijsen. Geen snottebel aan Gijs zijn neus. Het lijkt er vanaf deze afstand niet op dat hij enorm aan het zeuren is zoals de meeste kinderen van 2 dat doen.

Zowel Gijs als zijn maxi-moeder kijken beide eigenlijk heel relaxed.

Terwijl ik dit vredig tafereeltje aanschouw maakt een onzeker gevoel zich van mij meester. Ik ben nu een maand of 3 moeder. Als ik mijn Maxi-Cosi draag voel ik pijnscheuten in mijn schouder en in mijn schijnbaar nog steeds weke bekken, zelfs als ik 'm met 2 handen draag.
Ik krijg het al sjouwende steeds warmer en de 5 minuten lopen naar de auto voelen aan als een halve marathon. Als ìk de Maxi-Cosi zo op m'n arm draag net als de maxi-moeder, snijd het plastic op m'n bot en vrees ik een botfractuur als ik niet iedere 30 seconden van arm wissel.


Ik word van dit alles ook altijd een klein tikkie gefrustreerd. Wat zich dan meestal uit in een rood hoofd en wat ietwat schizofreen aandoend binnensmonds gevloek. Hetgeen dan weer verergert omdat een buurvrouw mij uitgebreid observeert en omdat mijn baby huilt, of beter gezegd, luidkeels krijst.

Ik denk ook niet dat pumps het komende jaar tot mijn mogelijkheden behoren. 2 cm hoge hakken doen al pijn en ziet er niet charmant uit omdat ik nog steeds waggel na wat ze noemen een 'gemiddelde' bevalling qua heftigheidsgraad.

Ben ik dan bij mijn auto aangekomen en heb ik (via de achterklep van mijn krappe 3-deurs)de Maxi-Cosi in de iso-fix gewurmd, terwijl mijn kind aanhoudend blijft krijsen, besef ik me dat de luiertas nog binnen ligt.
Ik waggel weer terug. Prop de tas vol met god-weet-wat en zie vanaf de deurpost iemand bezorgd om zich kijken waar dat harde baby gekrijs nou toch vandaan kan komen. 
Een beetje beschaamd loop ik snel naar mijn auto en stap in. Ik check in de spiegel kort mijn look. Gelukkig is vandaag douchen en een beetje mascara gelukt.
Wat betreft mijn haar kwam ik niet verder dan een slordige piekstaart en op mijn kleren zitten melk en kots-vlekken maar gelukkig is het niet zo erg als gisterenochtend.

Gehuil haalt me uit mijn gedachten. Ik ben slechts een draaiende motor en 3 straten rijden verwijderd van een half uurtje stilte. Want de kindjes slapen in rijdende auto's (hallelujah).

In dat half uurtje rust tank ik even bij en vind ik al met al dat deze ochtend best soepel liep en dat ik het eigenlijk allemaal al best goed kan. Dat hele moeder zijn enzo. Even voel ik me zelfs trots. Het contente gevoel houdt zeker 5 minuten stand.

En dan loopt zij daar.

De maxi moeder.